Taperen is saai. Dus nog maar een verslag. Even een waarschuwing vooraf: onderstaande verhaal duurt langer dan de hele wedstrijd heeft geduurd.
Afijn, woensdag – de dag die ik had aangevinkt in mijn agenda. Ik heb natuurlijk geen agenda en als ik er xe9xe9n had dan zou ik er helemaal niets in zetten, laat staan iets aanvinken, maar toch: de duathlon was wel een wedstrijdje waarin het xe9xe9n en ander kon gebeuren. Er x91mochtx92 namelijk gestayerd worden. Bij de gratie van de traditie (en het korte parcours). Het stayeren zorgt er voor dat er een magisch woord aan deze duathlon kleeft: Kopgroep! Gosselink verloor hier vorig jaar bijvoorbeeld de tour door deze te missen.
Derhalve vormde de duathlon een complexe puzzel. Je had allereerst de wedstrijd zelf: een wedstrijd die ik bijvoorbeeld best zou willen winnen, maar dan moet je alle duatleten verslaan. Daarnaast heb je de tour: die ik best zou willen winnen, maar dan moet je alle toerdeelnemers verslaan. Tot zo ver is het vrij simpel. Maar dan wordt het complexer: je hebt duatleten die goed kunnen lopen, hardlopers die aardig kunnen fietsen en tourdeelnemers die all-round sterk zijn en al die mensen starten in xe9xe9n wedstrijd. Niet op teveel paarden wedden dus een keuze maken: tour of duathlon? Tour.
Ik ben goed in doomscenariox92s verzinnen. Het volgende doomscenario had ik in mijn hoofd: er ontstaat een kopgroep met sterke lopers: Blikman, Haarkamp, Schreurs jr., Stevens, de Kok en dan zul je zien dat er xe9xe9n of twee concurrenten uit het klassement, Schreurs sr., Vernooij of Lamers het groepje kunnen volgen en dat ik niet mee kan komen, of een inzinking heb of een foutje maak en in een achtervolgend groepje terechtkom, dat iedereen naar mij kijkt en zegt: jij kan toch zo hard fietsen? Er zit dus maar xe9xe9n ding op: heel hard lopen.
De tactiek is altijd zo goed als je benen zijn en ik had enorm goede tactieken, dus dat beloofde wat over mijn benen. Drie looprondes van 1km, dan 11km fietsen en een afsluitende marteling van 2 km lopen, dat was het parcours van vandaag. Dat was ook het parcours van de afgelopen jaren. Elk jaar moest ik knokken om bij de eerste groep te zitten: in 2008 faalde ik kansloos, in 2009 zat ik er op hangen en wurgen bij, in 2010 ging het al wat makkelijker en nu is het 2011. Wat zou deze editie brengen?
(foto: Start: je ziet gewoon dat iedereen er onmeunig veel zin in heeft)
Pang! Er lijkt wat conservatief te worden gestart. Ik ben pal achter Schreurs gestart, maar na een honderdtal meters loop ik achter Caimin. Als ik naast hem twee koppen grotere Lamers vrij soepel zie lopen kies ik er toch voor om achter deze luxe windvanger te lopen. Schreurs loopt min of meer op kop samen met Caimin die zo makkelijk loopt dat hij ondertussen rustig een boek oid had kunnen lezen. Zelf loop ik ook verbazingwekkend makkelijk. Ondertussen een boek lezen was wat lastig geweest, maar vluchtig een stripboekje doorbladeren had ik nog wel gekund. Als twee van de drie rondes zijn gepasseerd weet ik vrij zeker dat ik geen inzinking meer ga krijgen en dat ik wel zou kunnen versnellen. Nu ben ik heel erg geneigd om achteraf allerlei tactische bespiegelingen los te laten op het vervolg van de wedstrijd, maar waar het in feite enkel op neer komt is dat ik mij dik in orde voelde, dat ik zin had om pijn te lijden, dat ik kxf3n versnellen en dacht, dan gxe1 ik ook versnellen en toen was het zoals wij in Twente zeggen: OORLOG!
Voor hetzelfde geld was ik overmoedig geweest en vervolgens enorm hard ingestort, zoals in het verleden wel vaker, maar dit keer pakte het verrassend goed uit. Er ontstonden dan wel geen gaten, maar de groep werd op een lint getrokken en waar een lint is, ontstaat uiteindelijk ook gaten. De laatste honderd meter neemt Caimin de kop over en achter hem duik ik als tweede het parcfermee in. Caimin heeft pech, komt niet in zijn pedaal en ik rijdt in mijn eentje met een hele kleine voorsprong als eerste het fietsparcours op. Na het eerste viaduct komt Haarkamp me voorbij en ik duik in zijn wiel. Als ik bij de eerste bocht weer overneem en vol gas door de bocht rijdt is hij plotseling weer verdwenen. Tot op heden weet ik niet of hij nu slechte bochten rijdt of dat het hem misschien verstandiger leek om op een eerste groepje te wachten.
Wachten wil ik niet en zou ook onnodig zijn. Voorsprong die je hebt moet altijd maar worden dichtgereden. Ik weet dat ik relatief hard kan fietsen, dus ik besluit stevig door te peddelen (laten we zeggen kwart triathlon tempo): Een tempo waarmee achtervolgers zich toch in moeten spannen om erbij te komen maar ook een tempo waarbij ik nog hard kan lopen als ik van de fiets kom. Ondertussen hoop ik dat de achtervolgers naar elkaar kijken en vervolgens niet door zullen fietsen. Maar het verschil is zeer gering. Het duurt desalniettemin twee van de drie ronden voordat ze (uit eindelijk zeven man) echt in mijn wiel zitten.
Blijkt volgens getuigenverklaringen dat notabene mijn eigen trainingsmaatje Vernooij het gat heeft dichtgereden! Zijn goed recht natuurlijk, hij staat tenslotte tweede in het klassement. Eigenlijk mxf3xe9st hij wel voor zijn klassement, maar tegelijk graaft hij zijn eigen graf, want de inspanningen op de fiets moet hij -helaas- bekopen op het tweede looponderdeel. Maar dat komt straks. We zitten nog op de fiets: Ik ben ondertussen blij dat ze zijn aangesloten, even kan ik herstellen, precies wat ik nodig heb. Ik kijk niet achterom, heb alleen Schreurs jr. gezien die even op kop rijdt en natuurlijk Vernooij. Verder heb ik geen idee wie in de groep zit. Ik doe nog xe9xe9n aflossing om het tempo nog een beetje er in te houden, dan neemt Vernooij -ik zit aanvankelijk in zijn wiel- de groep nog xe9xe9n keer op sleeptouw het viaduct over en dan linksaf richting de wisselzone in. Ik ga iets te vroeg uit mijn pedalen, verlies het wiel van Vernooij, maar met een flitsende wissel kom ik vrijwil direct achter Vernooij op het loopparcours. In het parc-fermee vang ik een vlaag op van een jurylid dat roept x91terug!x92. Blijkt later waarschijnlijk Blikman die zijn fiets heeft laten vallen, terug wordt gestuurd en daardoor kansloos is geworden. Als ik Vernooij na honderd meter inhaal mompelt hij de legendarische woorden: x93Ik ben dood.x94 En dood was hij.
(foto: Laatste loopronde in de avondschemer. Nog 800m tot de finish, samen met Gerben (3e) en daarachter Pim (1e))
Ik besluit met alles wat ik in mij heb de laatste twee kilometer een zo hoog mogelijk tempo te lopen (tja, wie niet?). Nog steeds geen idee wie in de groep zit, maar uit ervaring weet ik dat het verrekte lastig is om in de laatste twee kilometer een gat dicht te lopen, ook al is het maar tien meter. Om elke meter word gestreden. Voor alsnog loop ik op kop! Er sluit gauwachtig iemand aan. Ik weet niet wie het is. Anderhalve ronde loop ik op kop op een zo hoog mogelijk tempo. Zijn we met zx92n twexeben? Wie loopt daar nog achter? Wie is het xfcberhaupt? Ik loop door en door en door, maar het is niet genoeg. Op het laatste onverharde gedeelte is het Pim de Kok die op het oog toch vrij soepel voorbij komt. Even kijk ik of ik kan volgen want het is niet ver meer naar de finish, maar de afstand is net te groot voor een eindsprint en ik krijg last van een zuurstoftekort en begin met kokhalsen. Schreurs die achter mij liep had net een gaatje moeten laten vallen, maar omdat ik even naar adem loop te happen, komt hij voorbij. Ik herstel gelukkig snel en met een eindsprint weet ik Schreurs toch nog in te rekenen. Pim is dan al vier seconden gefinisht.
Het was een mooie, parchtige strijd en als snelste tourdeelnemer van de dag ben ik allang DIK tevreden. Lamers zat ook in de eerste groep, maar verloor met een schoenwissel teveel tijd en Vernooij verliest in de laatste twee kilomter ook aanzienlijk wat seconden. Ruim xe9xe9n minuut verdedig ik nu tov van Vernooij, die zaterdag waarschijnlijk niet start. Zaterdag dus weer een race. De laatste. Rustig aan doen voor Almere? Zou verstandig zijn, maar ik ken mezelf.